‘Radiofarmacie vandaag en morgen: uitdagingen en toekomstperspectieven’, dat was het onderwerp van onze derde PUO van dit jaar. Vijf sprekers gaven eind maart een inkijk in de evoluties en mogelijkheden binnen dit domein van de radiofarmacie.
Radiofarmaceuten Apr. Pieter De Jonghe (AZ Groeninge) en Apr. Nele Cromphout (AZORG) mochten de aftrap geven en namen ons even mee terug naar de basis van de radiofarmacie, met een toelichting over α, β en gamma-straling en de verschillende toepassingen. Alsook de PIC/S normering en hoe je hiermee aan de slag kan, samen mét de nuclearisten en technologen.
Helin Tang (GE Health Care) lichtte het Nederlandse model toe, waarbij 3 centrale bereidingscentra instaan voor 700 radiofarmaceutische bereidingen per dag die verdeeld worden over zo goed als alle Nederlandse nucleaire diensten volgens een strak tijdschema. Om 4u ’s ochtends wordt de elutie van de generator uitgevoerd, om 8u zijn de spuiten beschikbaar in de ziekenhuizen voor injectie.
Na de pauze wees dr. Anne-Leen Deleu (Jules Bordet/AZ Sint-Jan Brugge) de deelnemers op de sterke evolutie in gebruik van therapeutische radiofarmaca, waar naast het 'klassieke' Jood-123, de β-straler Lutetium-177 de laatste jaren aan belang wint. Op heden is er onder meer al terugbetaling in neuro-endocriene tumoren en gemetastaseerd castratieresistente prostaatkanker. In de pipeline zitten nu ook α-stralers met onder meer Lood-212, Actinium-225 en Astatine-211. Naast de selectie van een goed radio-actief product, is ook de tracer erg belangrijk, om het product op de correcte plaats vrij te stellen. Hierbij wordt onder meer naar FAP (Fibroblast activation protein) gekeken, gezien de expressie in meerdere kankers. Effectiviteit & toxiciteit zullen bepalend zijn wat hun verdere positionering wordt binnen het oncologisch therapeutisch arsenaal.
Last but not least gaf Maud ten Haaf een toelichting over de rol van het FANC en wees ons op een aantal basisbegrippen en de nodige bronnen om meer informatie terug te vinden. Naast de bereidingsvergunning, zullen de ziekenhuisapotheken die bereiden voor andere centra ook een PFVV vergunning voor distributie nodig hebben. Het werd duidelijk dat de verschillende verantwoordelijkheden de nodige complexiteit met zich meebrengen, en dat samenwerking met de dienst nucleaire essentieel zal zijn.
Lees de brochure 'Vervoer van radiofarmaca tussen ziekenhuizen'